Bert Bokhoven over domheid 2

Tjonge jonge, heb je dat nu ook Bert ? Je komt voortdurend allerlei mensen tegen die het allemaal zo goed begrijpen. Ik word er niet bien van. Al die onzin van mensen die tot allerlei, veelal volstrekt willekeurige conclusies komen. Soms wetenschappelijk onderbouwd, beweren zij. Het wemelt van de deskundigen. Elk praatprogramma zit er vol mee. Hoe is het toch mogelijk dat we ooit zonder deskundigen hebben kunnen leven. Maar toch kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat hier sprake is van gecamoufleerde domheid in optima forma. 

In de hoop enige helderheid te krijgen in de brei van deskundigheidsaanbiedingen dacht ik maar weer eens langs te gaan bij Bert Bokhoven, de onbekende filosoof. Bert met zijn welhaast ongeëvenaarde inzicht in ’s mensens motieven en beweegredenen. Bert, die veelal richting kan geven aan mijn convergerende denkwijze, kan wellicht ook op dit onderwerp van bijzondere betekenis zijn. Vandaar dus. Als het ware.

Hou in gedachten, begint Bert, dat als je dood bent je dat zelf niet weet. Het is alleen pijnlijk voor je omgeving. Hetzelfde geldt eigenlijk als je dom bent.

Verder ben ik het helemaal eens met je observering dat vooral domme mensen altijd alles weten, zegt Bert. Bij beperkte mensen is domheid onbeperkt, zoals we veelal zien in de praatprogramma’s waar allerlei figuren over van alles meepraten zonder dat ze er ook maar enig verstand van hebben. U kent ze vast wel. Toch.

Vele van mijn vrienden hebben al eens nagedacht over het fenomeen domheid. Mijn goede vriend Einstein merkte daarover op dat twee dingen oneindig zijn: het universum en de menselijke domheid, en over het universum was hij nog niet helemaal zeker.

Mijn vriend Bonhoeffer heeft ook al eens heel interessant geschreven over domheid. Het probleem met domheid is echter dat het vaak hand in hand gaat met macht. Het blijkt dat elke sterke opleving van macht in de publieke sfeer, of die nu politiek of religieus van aard is, een groot deel van de mensheid met domheid besmet.

Wetenschappers onderscheiden verschillende soorten domheid, elk met hun eigen risico's. Pure domheid – het onvermogen om logische patronen te herkennen – is relatief onschuldig. Mensen met een lager IQ weten vaak waar hun grenzen liggen en zijn daarom voorzichtiger.

Veel gevaarlijker is domheid uit onwetendheid, waarbij het Dunning-Kruger-effect een rol speelt. Dit psychologisch verschijnsel beschrijft hoe mensen met weinig kennis hun capaciteiten overschatten, terwijl experts juist hun vaardigheden onderschatten. Overdreven zelfverzekerdheid bij gebrek aan kennis, het ontbreken van zelfreflectie en de onkunde om de gevolgen van eigen gedrag te overzien. Incompetente mensen niet beseffen hoe onbekwaam ze zijn.

De meest schadelijke vorm is wat wetenschapper Sebastian Dieguez "Total Bullshit" noemt: de complete afwijzing van rationaliteit en feiten. Deze vorm ondermijnt het democratisch debat en is volgens psychiater Heidi Kastner "mogelijk de hoogste vorm van domheid, met de grootste impact. Denk maar eens aan Trump. Daar zie je het dagelijks gebeuren, merkt Bert op.

Grappig zijn de waarnemingen van Matthijs van Boxsel: dom zijn is een eigenschap, geen gebrek aan intelligentie. Iedereen is dom en gebruikt zijn intelligentie om zijn domheid te managen.

Zelfdestructieve domheid bedreigt ons dagelijks en vormt de grondslag van onze beschaving. Want om niet aan onze domheid ten onder te gaan, zijn we gedwongen intelligentie te ontwikkelen om met de domheid om te gaan. Domheid hebben u en ik gemeen, we verschillen in de strategieën om daar grip op te krijgen. Intelligentie biedt overigens geen garantie voor zelfbehoud, sterker nog, het kan de domheid zelfs kracht bijzetten. Van Boxsel laat een voorbeeld zien van een man die prima de techniek van een elektrische zaag weet toe te passen om een tak van een boom door te zagen. Hij bereikt zijn doel: de tak gaat eraf, maar hij valt zelf mee naar beneden, omdat ie aan de verkeerde kant van de tak zit.  

Een domoor kan meer vragen stellen dan duizend wijzen kunnen beantwoorden. Maar een dom iemand kan ook een heel filosofische vraag stellen en een slim iemand een domme vraag. Dus ja, ze bestaan. Maar als je een domme vraag stelt en je herhaalt hem vervolgens, dan ben je plots een komiek. Dus dat kan je altijd nog even doen, herhalen en je redt jezelf.

Een ding is zeker, besluit Bert, in uw omgeving komt ook u wel heel domme figuren tegen. U herkent ze zo.